Geschiedenis

De andere Wereldtentoonstelling

Via het Rijksmuseum hadden bezoekers uit binnen- en buitenland tussen mei en november 1895 toegang tot een grote internationale expositie op het Amsterdamse Museumplein. Wat begonnen was als een plan voor een vakbeurs voor het hotel- en reiswezen was een echte Wereldtentoonstelling geworden, aldus de voorzitter van het uitvoerend comité N.A. Calisch bij de opening op 11 mei. De tentoonstelling, die bij de opening trouwens nog lang niet af was, moest die beroemde van 1883 evenaren en ondernemers en toeristen opnieuw massaal naar Amsterdam trekken. Amsterdam hield sinds 1853 in het Bevolkingsregister bij wie er allemaal in de stad woonden, en ook de mensen die nu van buiten kwamen om in de vele stands en kraampjes te werken moesten zich registreren. Het register, onderdeel van het Bevolkingsregister in het Stadsarchief Amsterdam, geeft daarom een mooie indruk van de tentoonstelling en de mensen die er werkten.

Kaart van de Wereldtentoonstelling op het Museumplein, 1895. Beneden het Rijksmuseum, boven het Concertgebouw. Stadsarchief Amsterdam.

Glorietijd
In Oud-Holland, een op het Museumplein nagebouwd dorp met gevels in de stijl van de zestiende en zeventiende eeuw, kon je Holland ervaren zoals het was in de glorietijd, zei een van de organisatoren: “Toen Hollands vloot haar vlag op alle zeeën toonde. En ’t trotsche Amsterdam zich als een keizer kroonde.” Een glorie die – heel binnenkort – zomaar zou kunnen herleven. Het dorp bood Hollandse zaakjes zoals een melkwinkel, een pijpenwinkeltje (met winkeljuffrouw uit Antwerpen) en een koekwinkel, en er was een uitstalling van Turkse waren van een koopman uit Scheveningen. Ook cafés vond je er genoeg, van Friesche Boerenjongens, met een chef uit Hindelopen en een kelnerin uit Sneek, tot de Rembrandt-Hof van een restaurateur uit Hongarije, en Café Löwenbrau, waar kelnerinnen uit Wenen, Elberfeld en Mainz werkten.

Wondermenschenhoofd
Bijzondere attractie was de reconstructie van de Doolhof die tot het midden van de eeuw op de hoek van de Amsterdamse Prinsengracht en de Looiersgracht had gelegen, compleet met bekende beelden als die van David en de reusachtige Goliath. Even verderop troffen bezoekers een knipper van schaduwbeelden – silhouetten dus – uit Brussel. En de bekende goochelaar en ‘hofartiest’ David Tobias Bamberg vertoonde zijn ‘Wondermenschenhoofd’, dat ook op eerdere Wereldtentoonstellingen te zien was geweest. “Een geboetseerd hoofd wordt plotseling levend!” adverteerde hij. Bamberg raakte trouwens al gauw in conflict met de organisatoren vanwege zijn luidruchtige inspanningen om bezoekers naar zijn show te lokken – eerst met een tamtam en toen dat hem verboden was met een misthoorn.

Mailboot Prins Hendrik op het Museumplein tijdens de Wereldtentoonstelling, 1895. Stadsarchief Amsterdam.

Kinderopvang
Buiten Oud-Holland was er kermis. Het register noemt onder meer een stoomdraaimolen uit Dordrecht, een ‘toverschommel’, een ‘Rutschbaan’ uit Londen en een schiethuisje van een ondernemer uit Cheltenham. En werd gedanst op een openbare dansplaats, en verschillende horecagelegenheden boden vermaak. Zo had restaurant Façade een zangkoor uit Berlijn en een dameskapel uit Leuven. Het bedienend personeel kwam uit heel Europa, van Frankfurt tot Nice en Londen. Ook veel Amsterdammers vonden er werk. Op het terrein bevond zich bovendien een aantal grotere attracties, zoals de mailboot Prins Hendrik, waar een kelner uit Transsylvanië serveerde. Verder was er de luchtballon van ‘luchtreiziger’ Denijs uit Brussel, een bouwsel in de vorm van een reuzenolifant en ‘De Duisternis van Afrika’, met kunstschilder en bedienden, ook al uit Brussel. Ook aan kinderopvang was gedacht: Maternité Lion, met een directeur uit Lyon, had bewaaksters en minnen voor de kinderen in dienst.

Luchtreiziger Denijs in het verblijfregister van 1895. Stadsarchief Amsterdam.

Egyptian Bazar
De Wereld Bazar presenteerde amusement en artikelen van verder weg. De zakenfamilie Michel uit Bethlehem had er verschillende stands. George Michel baatte er bijvoorbeeld een Egyptische bazaar uit. Een tweede ‘Egyptian Bazar’, een samenwerking tussen een koopman uit Manchester en zakenlieden uit Beiroet, beschikte ook over een waarzegger. En Mahomet Shah uit Londen runde een Egyptisch Theater, met dansers uit Egypte en Europa, onder wie ene Vidal – zonder achternaam – uit Marseille. Ismaël Redjep uit Istanboel verkocht Turkse tapijten en Amen Matlany uit Beiroet had een tentje genaamd ‘Jerusalem en Palestina’.

“Egyptian Bazar en waarzegger” in het verblijfregister van 1895. Stadsarchief Amsterdam.

Chinezen aan de Ruysdaelkade
Abdallah en Abibe Michel uit Bethlehem verkochten Chinese artikelen. Maar er waren ook echte Chinezen, de enige Aziaten op de Wereldtentoonstelling. Hun hoofd, Chun Quan Kee, kwam uit Kanton, de bedienden uit Kanton en Hongkong – en een paar uit België. De Chinezen logeerden aan de Ruydaelkade 35. Een ondernemer uit New York vertegenwoordigde Amerika. Een aantal Europese landen had een eigen afdeling op de tentoonstelling. Behalve Nederland, dat onder meer presenteerbladen, jaloezieën en caoutschouc – rubber – liet zien, toonden België, Oostenrijk, Engeland, Duitsland (brand- en huisladders), Italië (majolica, mozaïek, beelden, spiegels), Rusland (pelzen) en Frankrijk (wijnen, waaiers, jongenspakjes, haarwerken) hun producten.

“Chineesche artikelen’ in het verblijfregister van 1895. Stadsarchief Amsterdam.

Toch geen Wereldtentoonstelling
Ook al wilden de organisatoren het nog zo graag, van een échte Wereldtentoonstelling was toch eigenlijk geen sprake. Veel verre landen die op de Wereldtentoonstelling van 1883 in Amsterdam hun rijkdommen hadden getoond waren in 1895 niet vertegenwoordigd. De tentoonstelling is uiteindelijk ook niet als officiële Wereldtentoonstelling in de boeken opgenomen. De bezoekersaantallen vielen ook al tegen. Misschien wel, zo werd er gespeculeerd, omdat bezoekers bovenop de entree van vijftig cent voor verschillende attracties nog eens extra moesten betalen.

 

Bron: Register van mensen die in een kraam of stand werkten tijdens de Wereldtentoonstelling te Amsterdam, 1895. Stadsarchief Amsterdam, Archief van het Bevolkingsregister: registers van vertrek, vestiging, verblijf en huisnummering (5007), inventarisnummer 263.

Afbeelding: Het tentoonstellingsterrein op het Museumplein, met luchtballon, 1895. Stadsarchief Amsterdam.

Advertenties