Geschiedenis

Titia na Deshima

Titia Bergsma, de eerste westerse vrouw in eeuwen die voet zette op Japanse bodem, was de inspiratiebron voor miljoenen afbeeldingen, schreef ik in Het Parool. Maar hoe ging het nou verder met Titia, nadat ze het eilandje Deshima zonder haar man had moeten verlaten? Een verhaal van rampspoed, uitterende ziekte en een zwanger kindermeisje.

Tropische ziekte
In december 1817 voer Titia de Baai van Nagasaki uit, met haar anderhalf jaar oude zoontje Jan en het kindermeisje Petronella, die in Japan in verwachting was geraakt – wie de vader was, zou voor altijd een geheim blijven. Het was een turbulente reis, met dichte mist waardoor het dagenlang donker bleef en een zware storm, waarin Titia haar bed afstond aan het zwangere kindermeisje terwijl ze zelf het noodweer uitzat op een kist. Na ruim een maand arriveerden ze in Batavia. Daar bleek Titia zonder haar man geen enkele status te hebben. Jantje en Petronella tobden er door de hitte met hun gezondheid, en Titia zelf kreeg een tropische ziekte. Ze vermoedde dat ze weer zwanger was.

Leeggeroofd
Het drietal vertrok in april 1818 op het schip Antoinetta Jacoba richting Nederland. Amper op zee ontdekte Titia dat de kisten met haar bagage tijdens haar verblijf in Batavia leeggeroofd waren. De kapitein maakte meteen rechtsomkeert om de diefstal te rapporteren en Titia kreeg een deel van haar bezittingen vergoed. Aan het eind van de maand voeren ze opnieuw uit. Niet veel later beviel Petronella aan boord van het schip – van een zoontje of een dochtertje, dat weten we niet. Titia was intussen de uitputting nabij. Haar lichaam raakte bedekt met zweren.

Schijnzwangerschap
Op 2 september 1818 kwam het schip met Titia, Jantje en Petronella en haar baby aan in Den Helder. De volgende ochtend vertrokken ze op een aardappelboot naar Amsterdam. Daar namen Titia en Petronella voor altijd afscheid. Titia ging met Jantje naar haar schoonmoeder, Dorothea Cock Blomhoff. Die schrok zo van de afgematte verschijning van haar schoondochter dat ze meteen een dokter liet komen. De dokter constateerde al gauw dat Titia helemaal niet zwanger was; ze had zich vastgeklampt aan een schijnzwangerschap. Na een paar weken in Amsterdam bracht een koets met vier paarden Titia en haar zoontje naar Den Haag, waar haar ouders woonden. Titia’s gezondheid ging daar steeds verder achteruit. Ze raakte depressief, haar vingers en haar voeten zwollen op, ze brak haar enkel.

Bezweken
Op 2 april 1821 stierf Titia Bergsma, 35 jaar oud. Volgens het overlijdensbericht dat haar ouders schreven hadden de “ontzettende wederwaardigheden, gewaarwordingen, moeilijkheden en rampen” die zij had meegemaakt ervoor gezorgd dat ze ziek naar Nederland was teruggekeerd. Daar was ze ten slotte “door een zware hoest aan het zukkelen geraakt” en na drie maanden bedlegerig te zijn geweest bezweken aan een “uitterende ziekte”. Titia werd bijgezet in het familiegraf in de kelder van de Haagse Nieuwe Kerk. Jantje, nu vijf, zou opgroeien zonder zijn moeder, maar met zijn vader, die in 1823 terugkeerde naar Nederland.

Boek
Dit weet ik trouwens allemaal omdat Titia’s vader daarvan verslag heeft gedaan, en omdat een verre nazaat er een paar jaar geleden een boek over heeft geschreven.

Afbeelding: Titia, Petronella met Jantje en een Javaans dienstmeisje op een Japanse rolschildering in het Rijksmuseum Amsterdam, 1817-1825.

Advertenties