Geschiedenis

Februaristaker

Trambestuurder Antoon Christiaan Wolfswinkel was een van de tienduizenden Amsterdammers die op 25 en 26 februari 1941 het werk neerlegden uit protest tegen de Jodenvervolging door de Duitse bezetter. Twee maanden later werd hij door de gemeente verhoord over zijn rol bij de staking. Tijdens onderzoek voor een boekje over de Februaristaking kwam ik een verslag van het verhoor tegen. Het bevindt zich in het archief van de afdeling Arbeidszaken, die na de staking nauwgezet onderzoek deed onder het gemeentepersoneel en ervoor zorgde dat alle stakende ambtenaren gestraft werden, met korting op hun salaris of zelfs ontslag.

Onrustige geest
Antoon Wolfswinkel had op 25 februari 1941 dienst op lijn 1 en was even na zeven uur ’s morgens vanuit de remise Havenstraat vertrokken. Op de eerste rit merkte hij dat er geen trams uit de remise Lekstraat reden, tijdens de tweede rit kwam hij in de Zeilstraat in Zuid vast te staan achter andere trams. Wolfswinkel ging terug naar de remise in de Havenstraat, daar vlakbij. Daar hadden zich al andere bestuurders en conducteurs verzameld. De remise Lekstraat staakte, zo werd er gezegd. Het verbaasde Wolfswinkel niet. Een staking zat in de lucht: “Er heerschte tengevolge van verschillende voorvallen met betrekking tot de Joden en berichten over ingegooide ruiten al eenigen tyd een onrustige geest onder het personeel.”

Opgepakt
Omdat Wolfswinkel met zijn 47 jaar tot de oudere trammannen behoorde, werd hij er samen met twee collega’s op uitgestuurd om poolshoogte te gaan nemen bij de remise Lekstraat. Als iedereen daar staakte, zou het personeel van de Havenstraat zich bij de staking aansluiten. In de Lekstraat ontdekte hij dat er daar inderdaad geen enkele tram was uitgereden. Wolfswinkel kon er vertellen dat de trams van de Havenstraat intussen ook waren teruggekeerd naar de remise. In de Havenstraat bracht hij daarna zijn collega’s op de hoogte, waarop ook zij het werk neerlegden. Antoon Wolfswinkel ging naar huis. Hij staakte ook de volgende ochtend door. ’s Middags werd hij opgepakt door de Duitse politie en gevangen gezet in het Lloyd Hotel aan de Oostelijke Handelskade. De Duitsers hielden hem tot 3 april vast voor verhoor.

Opruier
De Duitsers beschouwden Wolfswinkel als opruier. “Men rekende het my zeer zwaar aan, dat ik behoord had tot de drie mannen, die van de Havenstraat naar de Lekstraat waren gegaan.” Hij verklaarde dat hij zich weliswaar uit volle overtuiging bij de staking had aangesloten, maar dat hij niet de bedoeling had gehad ook anderen tot staken aan te sporen. Hij had gewoon de waarheid verteld, en misschien dat er daardoor wel mensen waren gaan staken die dat anders niet hadden gedaan, “maar een dergelyke bedoeling was my by het mededeelen van de simpele waarheid vreemd en ik maak er aanspraak op niet als ophitser of aanstoker tot deze staking beschouwd te worden.” Hij wilde vooral zijn baan niet kwijt. Maar – bedoeld of onbedoeld –  Wolfswinkel had een cruciale rol in de Februaristaking gespeeld. Dat de trams niet reden was voor de Amsterdammers een belangrijk signaal geweest om mee te doen en de staking had zich vervolgens razendsnel over de stad verspreid.

Wolfswinkel beroepen

Detail uit de archiefkaart van Antoon Christiaan Wolfswinkel, Stadsarchief Amsterdam.

Ontslagen
Antoon Wolfswinkel werd op 15 mei 1941 als ophitser ontslagen. Op zijn archiefkaart (een gearchiveerde kopie van de persoonskaart) is te lezen dat hij daarna werkte als magazijnknecht, fabrieksarbeider en pensionhouder. Zijn vrouw overleed in november 1941 en Wolfswinkel had daarna alleen de zorg voor hun negen kinderen.

Gefusilleerd
Wolfswinkels twee oudste zoons, Antoon en Bertus – allebei metaalarbeider –, zaten in het verzet. Ze werkten onder andere voor De Waarheid, de krant van de illegale Communistische Partij van Nederland die had opgeroepen tot de Februaristaking. Antoon en Bertus Wolfswinkel werden in maart 1942 opgepakt door de Duitsers en op 19 november in het geheim gefusilleerd op vliegbasis Soesterberg, samen met 31 anderen, onder wie bekende initiatiefnemers van de Februaristaking als Willem Kraan. Antoon was 23 geworden, Bertus twintig. Hun lichamen werden na de oorlog gevonden in een diepe bomkrater, afgedekt met boomstammen. In oktober 1945 kregen Antoon en Bertus Wolfswinkel in Amsterdam een nieuw graf op De Nieuwe Ooster.

Baan terug
Vader Antoon Wolfswinkel kreeg direct na de bevrijding zijn baan terug, zo blijkt uit de pensioenregistratie van de gemeente Amsterdam. Hij bleef tot juni 1948 op de tram rijden.

pensioenkaart_wolfswinkel_0-page1

Pensioenkaart van Antoon Christiaan Wolfswinkel, Stadsarchief Amsterdam. Onderaan is te zien dat er na de oorlog een streep door zijn ontslag ging: Wolfswinkel kreeg rechtsherstel.

 

Afbeelding bovenaan: Detail van het verhoor van Antoon Christiaan Wolfswinkel, 25 april 1941. Stadsarchief Amsterdam, archief 5174 (Arbeidszaken), inventarisnummer 1097.

Advertenties